Beweging

In het tabblad Beweging kunt u bewegingsdetectie van uw camera instellen.

  1. Selecteer Door camera, Door Surveillance Station of Uitschakelen in Detectiebron om de detectiebron te selecteren.
  2. Door Door camera te selecteren kunt u ervoor kiezen om de originele camera-instellingen te behouden. De fijnafstelling van de waarden Gevoeligheid, Drempel, Objectgrootte en Activeringspercentage (beschikbare parameters afhankelijk van de cameraspecificaties) vereist de uitschakeling van het selectievakje Originele camera-instellingen behouden. Het waardebereik ligt tussen 1 en 99 (%). Zie de onderstaande opmerking voor de detectieparameterdefinities.
  3. Door Door Surveillance Station te selecteren kunt u de waarden Gevoeligheid en Drempel fijnafstellen. Het waardebereik ligt tussen 1 en 99 (%). Zie de onderstaande opmerking voor de detectieparameterdefinities.
  4. Selecteer Door Surveillance Station en klik op Detectiegebied om het detectiegebied te bepalen. Klik op Toevoegen om een nieuw detectiegebied toe te voegen. Met klikken en slepen van de omranding kunt u de grootte van het gebied aanpassen. Geef het gebied een naam en klik op OK. Klik vervolgens op Opslaan om uw wijzigingen op te slaan.

Opmerking: