E-mail
U kunt Surveillance Station instellen om automatisch systeemmeldingen via e-mail naar u te verzenden. U kunt de bestaande meldingsinstellingen van DSM toepassen of nieuwe meldingsinstellingen configureren.
E-mail-meldingen instellen met gebruik van de bestaande meldingsinstellingen in DSM:
- Schakel het selectievakje voor Meldingen via e-mail inschakelen in.
- Selecteer In DSM opgegeven instellingen voor e-mailmeldingen toepassen > Configuratiescherm.
- Klik op Een testbericht via e-mail verzenden en vervolgens op OK om te controleren of uw instellingen correct zijn. Controleer uw instellingen als u geen e-mailbericht hebt ontvangen.
- Klik op Toepassen om uw wijzigingen op te slaan.
Om e-mailmeldingen in te stellen met gebruik van een externe provider:
- Schakel het selectievakje voor Meldingen via e-mail inschakelen in.
- Selecteer De volgende e-mailgegevens toepassen om een nieuw e-mailadres in te voeren.
- Geef een primair e-mailadres op bij Primair e-mailadres. U kunt ook een secundair e-mailadres opgeven bij Secundair e-mailadres. De meldingen worden verzonden naar beide e-mailadressen.
- U kunt een onderwerptitel toevoegen in Onderwerpprefix. Dit voorvoegsel wordt toegevoegd aan het onderwerp van elk bericht dat door Surveillance Station wordt verstuurd zodat u door Surveillance Station verzonden berichten kunt identificeren en filteren.
- Selecteer uw e-mailprovider bij Serviceprovider.
- Voer uw e-mail-accountinformatie in bij Gebruikersnaam en Wachtwoord.
- Klik op Een testbericht via e-mail verzenden en vervolgens op OK om te controleren of uw instellingen correct zijn. Controleer uw instellingen als u geen e-mailbericht hebt ontvangen.
- Klik op Toepassen om uw wijzigingen op te slaan.
Om e-mailmeldingen in te stellen met behulp van een aangepaste SMTP-server:
- Schakel het selectievakje voor Meldingen via e-mail inschakelen in.
- Selecteer De volgende e-mailgegevens toepassen om een nieuw e-mailadres in te voeren.
- Geef een primair e-mailadres op bij Primair e-mailadres. U kunt ook een secundair e-mailadres opgeven bij Secundair e-mailadres. De meldingen worden verzonden naar beide e-mailadressen.
- U kunt een onderwerptitel toevoegen in Onderwerpprefix. Dit voorvoegsel wordt toegevoegd aan het onderwerp van elk bericht dat door Surveillance Station wordt verstuurd zodat u door Surveillance Station verzonden berichten kunt identificeren en filteren.
- Selecteer Aangepaste SMTP-server bij Serviceprovider.
- Voer de SMTP-servernaam of het IP-adres in bij SMTP-server.
- Voer het SMTP-poortnummer in bij SMTP-poort. Hebt u een andere SMTP-poort opgegeven bij het instellen van de poort doorsturen-regels, geef dan dat nummer op.
- Als uw SMTP-server SMTP-verificatie vereist, schakelt u het selectievakje Verificatie vereist in en voert u uw accountgegevens in onder Gebruikersnaam en Wachtwoord.
- Als uw SMTP-server een SSL/TLS-verbinding vereist, selecteert u Beveiligde verbinding (SSL/TLS) is vereist.
- U kunt de naam van de afzender aanpassen die in de e-mailberichten van Surveillance Station worden verzonden door een naam in te voeren onder Naam afzender. U kunt ook het e-mailadres van de afzender aanpassen door een e-mailadres in te voeren bij E-mail afzender. Laat u dit veld leeg, dan wordt het in Primair e-mailadres opgegeven e-mailadres gebruikt.
- Klik op Een testbericht via e-mail verzenden en vervolgens op OK om te controleren of uw instellingen correct zijn. Controleer uw instellingen wanneer u geen e-mailbericht hebt ontvangen.
- Klik op Toepassen om uw wijzigingen op te slaan.
Accountinformatiebeperkingen:
- Gebruikersnaam- en wachtwoordbeperkingen verschillen naar gelang de serviceprovider en de gebruikte SMTP-server. Voor meer informatie raadpleeg de richtlijnen van uw serviceprovider of SMTP-server.
SMTP-server domeinnaam:
- de SMTP-server kan zowel een IP-adres zijn als een domeinnaam. Als het een domeinnaam is, moet u ervoor zorgen dat er een geldig DNS-server-IP is ingevoerd bij DSM > Configuratiescherm > Netwerk en controleren of de server met het internet is verbonden.