Geavanceerd
In het tabblad Geavanceerd kunt u de RTSP- en RTP-instelling, Codec-optimalisatie en Multistreaminstelling configureren.
RTSP- en RTP-instelling
De verbinding van Surveillance Station met de camera configureren:
- selecteer een van de volgende opties in de vervolgkeuzelijst Transportprotocol:
- Automatisch: Surveillance Station zal automatisch een RTSP-verbinding maken door de protocollen in de onderstaande volgorde te gebruiken: UDP → TCP → HTTP. Bij uitgeschakelde camera zal Surveillance Station het laatst gebruikte protocol gebruiken om de verbinding te hervatten.
- UDP: UDP biedt een lage latentie en hogere overdrachtssnelheid. Dit protocol levert mogelijk echter een lagere videokwaliteit als gevolg van een gebrek aan netwerkbandbreedte door het ontbreken van een mechanisme voor herhaalde transmissie.
- TCP: TCP biedt een hogere videokwaliteit. Het mechanisme voor herhaalde transmissie van dit protocol gebruikt echter meer netwerkbandbreedte en levert een hogere latentie bij gebrek aan bandbreedte.
- HTTP: HTTP is een extensie van TCP. Door dit protocol kunnen firewallbeperkingen voor videostreaming over het internet worden voorkomen.
- Druk op Opslaan om de wijzigingen op te slaan.
De Keep-Alive-methode van Surveillance Station voor RTSP/RTP-verbinding configureren:
- selecteer een van de volgende opties in de vervolgkeuzelijst Keep-Alive-methode:
- Uit: Surveillance Station zal geen RTSP-opdrachten verzenden naar de camera om de streaming te handhaven.
- OPTIES: Surveillance Station zal regelmatig RTSP OPTIONS-opdrachten verzenden naar de camera om de streaming te handhaven.
- GET_PARAMETER: Surveillance Station zal regelmatig RTSP GET_PARAMETER-opdrachten verzenden naar de camera om de streaming te handhaven.
- Druk op Opslaan om de wijzigingen op te slaan.
Opmerking:
- verschillende cameramodellen kunnen verschillende standaardmethodes gebruiken. De standaard Keep-Alive-methode van uw camera wordt bij de optie aangegeven als "(Standaard)".
- U kunt deze instelling configureren wanneer uw RTSP/RTP-verbinding abnormaal is. Het wijzigen van de Keep-Alive-methode kan de streamingsstabiliteit negatief beïnvloeden.
- Als uw camera en Surveillance Station niet in hetzelfde netwerk staan, zorg er dan voor dat het Surveillance Station toegang heeft tot de HTTP- en RTSP-poort van de camera voor videostreamen. Als Surveillance Station alleen toegang heeft tot de HTTP-poort van de camera moet u het transportprotocol op HTTP zetten.
Codec-optimalisatie
Een actieve codecoptimalisatie kan u helpen om bandbreedte op efficiënte wijze te besparen.
Opmerking:
- dit gedeelte verschijnt alleen wanneer codecoptimalisatie wordt ondersteund door streaming in H.264 of H.265-indeling van uw camera.
Codecoptimalisatie aanpassen:
- schakel het selectievakje Codec-optimalisatie aanpassen in.
- Naargelang uw cameramerk selecteert u een van de volgende opties in de vervolgkeuzelijst:
- AXIS:
- uitschakelen: streaming in origineel H.264-indeling. Geen extra bandbreedte worden opgeslagen.
- zipstream-laag: streaming in H.264 met Zipstream-lage compressie. Deze optie kan een lage bandbreedtebesparing opleveren.
- zipstream-gemiddeld: streaming in H.264 met Zipstream-gemiddelde compressie. Deze optie kan een normale bandbreedtebesparing opleveren.
- zipstream-hoog: streaming in H.264 met Zipstream-hoge compressie. Deze optie kan een hoge bandbreedtebesparing opleveren.
- zipstream-extreem: streaming in H.264 met Zipstream-extreme compressie. Deze optie kan een grote bandbreedtebesparing opleveren.
- VIVOTEK:
- uit: streaming in origineel H.264-of H.265-indeling. Geen extra bandbreedte worden opgeslagen.
- aan: streaming in H.264 of H.265 met Smart Stream II-compressie. Deze optie kan een bandbreedtebesparing opleveren.
- ZAVIO:
- uit: streaming in originele indeling. Geen extra bandbreedte worden opgeslagen.
- beter: streaming in H.264 of H.265 met Smart Codec-betere compressie. Deze optie kan een normale bandbreedtebesparing opleveren.
- best: streaming in H.264 of H.265 met Smart Codec-beste compressie. Deze optie kan een hoge bandbreedtebesparing opleveren.
- Druk op Opslaan om de wijzigingen op te slaan.
Keyframe-interval aanpassen:
- schakel het selectievakje Keyframe-interval aanpassen in.
- Specificeer het aantal tussenframes tussen twee keyframes.
- Klik op Opslaan om de wijzigingen toe te passen.
Opmerking:
- bepaalde cameramodellen gebruiken seconde in plaats van frame als eenheid voor het keyframe-interval.
Dynamisch keyframe-interval inschakelen:
- schakel het selectievakje Dynamisch keyframe-interval inschakelen in. Deze optie zal automatisch het keyframe-interval optimaliseren om de bitsnelheid te reduceren voor soepele streaming.
- Druk op Opslaan om de wijzigingen op te slaan.
Dynamisch fps inschakelen:
- schakel het selectievakje Dynamisch fps inschakelen in. Deze optie optimaliseert automatisch de fps voor vlottere streaming.
- Druk op Opslaan om de wijzigingen op te slaan.